Home Interview NEM-vrijwilligster Emmie in Nazareth: ‘Je kunt je hier helemaal voorstellen hoe Jezus opgroeide’

NEM-vrijwilligster Emmie in Nazareth: ‘Je kunt je hier helemaal voorstellen hoe Jezus opgroeide’

door Caroline de Vente
Emmie in Israel

Een plek in Israël die veel indruk maakte op NEM-vrijwilligster Emmie, is Nazareth Village. ,,Een prachtig openluchtmuseum bij Nazareth, ingericht zoals men daar leefde aan het begin van de jaartelling tot zo’n anderhalve eeuw geleden. Er zijn ook archeologische opgravingen te zien, zoals een tweeduizend jaar oude wijnpers. Je kunt je daar helemaal voorstellen hoe Jezus opgroeide – en je beseft des te sterker dat je rondloopt in het land van de Bijbel.”

,,Wat ik trouwens ontdekte toen ik in de buurt van Bethlehem werkte”, vertelt Emmie, ,,was hoe koud het daar kan zijn in januari – de maand waarin Jezus vermoedelijk ter wereld kwam. Dus de doeken waarin Hij werd gewikkeld als baby, waren echt nodig om warm te blijven!”

Niet zo flexibel

Wie denkt dat Emmie iemand is die gemakkelijk risico’s neemt en spanning opzoekt, heeft het mis. ,,Eigenlijk was die sollicitatie bij de NEM helemaal niets voor mij, want ik ben van nature geen avonturier en houd niet van reizen. Er is ook geen enkel ander land waar ik heen zou willen. Bovendien ben ik behoorlijk slechtziend, wat wel een handicap is als je in onbekend gebied de weg moet vinden. Dat is ook elke keer weer moeilijk als ik ergens anders ga werken. Maar door die slechtziendheid ben ik me – ook in Nederland – bewust van mijn afhankelijkheid van God. Dat is goed: zo krijg ik niet de indruk dat ik het zelf kan. De liefde voor het Joodse volk won het van mijn angst. Die drijfveer komt van God, daarvan ben ik overtuigd. Ik ben oorspronkelijk ook niet zo flexibel in de zin dat ik me snel aanpas aan omstandigheden, maar Hij heeft me flexibel gemaakt.” 

Lees ook: De droom van Marjon Snel: ‘Bruggen bouwen over grenzen heen’

Hilariteit

Het wonen op de Westbank, Arabisch gebied, vond Emmie aanvankelijk spannend. ,,Ik wist al wel hoe ik me daar moest kleden: lange mouwen, broekspijpen tot minstens over de knie. Maar verder is het daar zoeken naar wat je wel en niet kunt doen, zeker als vrouw. Hoewel het gebied waar ik werkte grotendeels christelijk is, duurde het bijna een jaar voordat ik me op straat prettig voelde. Ik stond bijvoorbeeld wel eens bij de bushalte op iemand te wachten. Omdat je een vrouw alleen bent, beginnen mannen dan soms op een minder prettige manier tegen je te praten. Meestal negeer ik dat. Overigens leidt het ook wel eens tot grappige situaties. Zo liep ik eens op de markt in Bethlehem, toen mannen me toeriepen: ‘Waar kom je vandaan?’ Ik reageerde niet, maar ze bleven roepen. Door mijn lichte haar en huid zie ik er nogal Scandinavisch uit. Uiteindelijk draaide ik me om en zei in het Arabisch: ‘Ik ben van hier.’ Hilariteit alom natuurlijk. Overigens voel ik me tegenwoordig veiliger op de Westbank hoor.”

Vogelvrij

Hoewel Emmie al werkend inmiddels het nodige Arabisch had opgestoken, studeerde ze in 2019 een klein jaar Arabisch in Amman, de hoofdstad van Jordanië. Op haar verzoek leerde ze er geen klassiek Arabisch, maar de Arabische spreektaal die in en rond Israël wordt gesproken. ,,Ik zat daar op een christelijke school. Christenen worden in Jordanië getolereerd zolang ze niet evangeliseren. Verder is in Amman een vrouw die alleen loopt bij wijze van spreken vogelvrij, zeker als je daar geen familie hebt. De weinige vrouwen die je op straat ziet, zijn vrijwel altijd in gezelschap. Gelukkig woonde ik daar niet alleen, maar met een vrouwelijke collega van de NEM. ik heb heel geleidelijk mogen wennen aan een Arabische omgeving en de Arabische cultuur, eerst in Haifa, daarna op de Westbank en toen in Amman.” 

Verborgen

Op de Westbank werkte Emmie met verstandelijk beperkte kinderen en jongeren. ,,Deze kinderen worden in dit gebied vaak verborgen gehouden en soms bij het babyziekenhuis te vondeling gelegd, want in de moslimcultuur schamen veel ouders zich voor hen: het krijgen van een beperkt kind wordt beschouwd als straf van Allah. Die straf straalt af op de familieleden, wat de huwelijkskansen voor alle kinderen binnen die familie kleiner maakt. Er is dus veel sociale druk op jonge ouders om zo’n geboorte geheim te houden. Door Jemima is daarin gelukkig meer openheid gekomen. Daarom neemt het centrum tegenwoordig geen kinderen meer fulltime op, maar biedt het dagbesteding. De ouders blijven zelf voor hun verstandelijk beperkte kinderen zorgen en krijgen daar ook training in. Ze verstoppen de kinderen niet meer. Er is echt een proces gaande.” 

Zorgmijdende ouderen

Vorig jaar zou Emmie als maatschappelijk werkster fulltime met zorgmijdende Arabische ouderen gaan werken in Jeruzalem, maar de coronapandemie stak daar een stokje voor. Pas in mei kreeg ze haar visum voor Israël en inmiddels werkt ze alweer maanden in Haifa: ,,Mijn Arabisch is nog niet goed genoeg om een snel gesprek te kunnen verstaan. En ook het schakelen tussen Hebreeuws en Arabisch is lastig. Om een voorbeeld te noemen: ‘nee’ is in het Hebreeuws ‘lo’ en in het Arabisch ‘la’. Soms haal ik het door elkaar en komt er iets van ‘la, lo, la, lo’ uit mijn mond. Hier in Haifa kan ik nog even flink oefenen door te praten met mijn Arabische collega’s. Daarna kan het zijn dat ik alsnog naar Jeruzalem ga, of pastoraal werk ga doen in Nazareth. Dat is afwachten.” 

Soldaten

Op de vraag of ze ooit bang is geweest vanwege aanslagen of beschietingen, zegt ze: ,,Toen ik in 2005 voor het eerst in Israël was, was het vrij kort na de tweede intifada. Er waren toen ontzettend veel soldaten op straat, wat maakte dat ik me veilig voelde. Ik heb destijds twee keer een schuilplaats moeten zoeken omdat het alarm ging, maar omdat dat heel rustig ging, was ik ook toen niet bang. Gelukkig was het beide keren loos. Eén keer ben ik heel bang geweest. Dat was tijdens een luchtalarmoefening, waarbij ze waren vergeten te zeggen dat het om een oefening ging. Maar als het echt begint te rommelen, worden overal de schuilruimtes in orde gebracht. Niet dat je dan helemaal veilig bent, maar je maakt wel minder kans om geraakt te worden. Ik ben niet bang om dood te gaan, want ik weet waar ik heen ga. Net als in Nederland kan ik ook hier slachtoffer worden van geweld. Daar kijk ik natuurlijk niet naar uit. Maar Hij is overal bij, zolang ik ben waar God wil dat ik ben, is het goed, wat er ook gebeurt.”

Lees ook: De coronazondag van Arie van der Veer

Emotioneel coronajaar 

In de coronaperiode 2020/2021 was Emmie veel langer dan gepland in Nederland. Dat was om meerdere reden een emotionele tijd voor haar. Zo stierf dit voorjaar plotseling haar trouwste fan, haar moeder (91). ,,Ze was redelijk gezond en woonde al jaren in een aanleunwoning. Op een ochtend kreeg ze een hersenbloeding, waaraan ze op dezelfde dag is overleden. Voor haar was dat prachtig: ze hoefde geen afscheid meer te nemen. Ik vind het een prima timing van God, want mijn moeder stond weliswaar achter wat ik deed, maar zag me elke keer weer met lood in haar hart vertrekken. Ze miste me. Voordat ik voor de NEM ging werken, logeerde ik elke veertien dagen een weekend bij haar. Dat vonden we allebei heerlijk. Toen ik van mijn Israël-plannen vertelde, besefte ze dat dat zou wegvallen. Dat vonden we beiden heel naar. In mei dit jaar ging het mis in Gaza, net toen ik mijn visum kon ophalen. Dat maakte haar zó bezorgd, maar mijn uitleg dat het in een ander deel van het land was, stelde haar gerust. Ze heeft me niet meer vol verdriet hoeven uitzwaaien.”   

Gelukkig gebeurden er ook mooie dingen. Zo trouwde Emmies vierde dochter en kon ze bij de bruiloft zijn. Ook werden drie van Emmies inmiddels zeven kleinkinderen tijdens de pandemie geboren. ,,Ik ben God zo dankbaar! Het was fijn om dat allemaal te mogen meemaken. Natuurlijk mis ik mijn dochters en hun gezinnen als ik in Israël ben – en zij mij. Dat is een offer dat we moeten brengen. We bellen natuurlijk wel veel. En mijn oudste kleinkind is zes en begrijpt al dat oma in het buitenland werkt. Regenmatig krijg ik weer zo’n geweldige brief van haar met grote zelfgeschreven hanenpoten. Dan voel je je toch een stukje van haar leven, al is het van ver.”

In de Elisabeth kersteditie (2021, nummer 23) spreken we Emmie over haar werk in Israël. Ook de Elisabeth ontvangen? Neem een abonnement. Je kunt het kerstmagazine ook uitdelen in je kerk

Tekst: © Elisabeth (Ineke Zuidhof)
Beeld: Jaap Schuurman