Home Thema'sGeloven Joke Verweerd: ‘Misschien ben ik wel schrijver geworden doordat ik altijd bid!’

Joke Verweerd: ‘Misschien ben ik wel schrijver geworden doordat ik altijd bid!’

door Caroline de Vente
Joke Verweerd

Joke Verweerd is sinds klas één van de lagere school al enthousiast over schrijven. Voor haar is het verwoorden van wat er in haar hoofd opkomt een manier van leven. ,,Ik vind het geweldig dat er taal is! Je kunt een hele wereld maken in je hoofd. Dat is toch knap bedacht van God?”

Waren je ouders trots op je schrijf- en dichttalent?

,,Niet openlijk. Maar als ik een gedichtje op het randje van de krant of een lege bankenvelop had geschreven, dan bewaarde mijn moeder dat wel. Ze zei of vroeg er nooit iets over, maar het werd niet zomaar weggegooid. Toen ik De Wintertuin had geschreven, over een moeder-dochterrelatie, was mijn moeder daar wel een beetje bang van. Dan zei ik: ‘Ma, dit is verzonnen hè, dit gaat niet over ons.’ Dan zei ze: ‘Kind, ik zal het wel eens lezen.’ Dat deed ze dan later ook wel. Maar ze vond het spannend. Ze had liever dat ik iets naaide van een lapje op de markt, dan dat ik een verhaal schreef waarin mogelijk autobiografische elementen zaten. Dat snapte ik ook wel.”

Hoe kijk je terug op je opvoeding?

,,Voor mijn gevoel word je niet toevallig ergens geboren. Als ik naar God kijk, naar hoe Hij voor mij zorgt en gezorgd heeft, dan had het gewoon niet beter gekund. Kijk, elke opvoeding bestaat uit een verzameling dingen die je meekrijgt voor de rest van je leven. Alles gaat in je rugzak, zowel bagage als ballast. Als je een jaar of achttien bent, moet je kunnen kiezen wat eruit kan en wat moet blijven. Gooi die rugzak niet weg met de gedachte dat je helemaal opnieuw gaat beginnen: dat kan niet, je bent al gevormd. Het is beter om de waardevolle bagage eruit te filteren: dat zijn de tools waarmee je aan de slag kunt. De ballast, de nare dingen van vroeger, die kun je het beste parkeren, loslaten, zodat je er niet meer mee hoeft te sjouwen.”

Behalve als ze iets goeds hebben voortgebracht?

,,Inderdaad, want sommige minder leuke dingen brengen ook goede ontwikkelingen op gang. Doordat ik voor mijn gevoel mijn gedrag onder controle moest houden, ben ik denk ik heel jong zelf na gaan denken: Wat geloof ik nu echt? Wat is waar voor mij? Wat kan ik daarover wel en niet openlijk zeggen? Daardoor ontwikkelde ik me ook.
Verder waren we er als kinderen van doordrongen dat we niet moesten verwachten dat het ons altijd goed zou gaan. Er kon immers altijd een ramp gebeuren. We waren als het ware ‘beducht gelukkig’: Je mocht gelukkig zijn, maar wel beducht, omdat geluk niet iets was waarop je recht had. En daar zit natuurlijk wel iets in. Daar komt die dankbaarheid weer om de hoek kijken: als iets je lukt, heb je dat zelf niet verdiend, maar je hebt het gekregen. Daardoor voel je je begenadigd. Mensen die denken dat ze alles uit eigen kracht kunnen, hebben daarvoor geen ruimte, ze hebben het veel te druk om de ladder op te klimmen. En als er iets mis gaat, worden ze boos op God… Of ik zelf wel eens boos op God ben geworden? Ik haal het niet in mijn hoofd! Zou ik boos zijn op mijn Schepper? Hij heeft het allemaal prachtig gemaakt, wij mensen hebben de boel hier verknald. Bovendien zijn er meer machten in deze wereld werkzaam, er wordt aan ons getrokken – en soms maken we de keuze om op stap te gaan met de verkeerde kant.”

‘Beducht gelukkig’ – betekende dat ook dat je niet te uitbundig moest zijn?

,,Wanneer ik ’s ochtends zingend naar beneden kwam, zei mijn moeder: ‘Joke, vogeltjes die vroeg zingen, zijn voor de poes.’ Mijn ouders vonden dat je je bewust moest zijn van de plek die je had. Dat je niet te luchthartig moest leven. Daardoor was je een klein mensje. Mijn ouders waren dat in die zin ook, grote ego’s hadden ze niet. Daar heb ik respect voor. Want wat doen grote ego’s nu eigenlijk aan goeds? Die doen vooral goed voor zichzelf. Mijn ouders zeiden dat we mochten bijdragen, ons best mochten doen, maar onszelf niet op de borst moesten kloppen in de waan dat het door óns allemaal zo goed ging. Dat versterkte mijn idee van genade en dankbaarheid.”

Hoe ervaar je die dankbaarheid in je huidige leven?

,,Elke ochtend dank ik God bijvoorbeeld voor het licht. Dan stel ik me voor dat Hij dacht: ‘Laat ik nog eens zo’n prachtige zonsopgang maken!’ Want ik vind het helemaal niet vanzelfsprekend dat het elke dag weer licht wordt. En soms zit ik op de fiets en ben ik zó dankbaar dan mijn benen het nog doen nu ik 67 ben.”

Doordat je als kind niet alles kon zeggen wat je dacht, ging je het opschrijven. Werkte dat therapeutisch voor je?

,,Je gaat schrijven omdat je een oor nodig hebt. Wat je opschrijft, vertel je in feit aan jezelf. En als je woorden vindt voor wat je voelt, is dat het begin van de heling: een pleister op de wond of schram. Het heeft inderdaad heel therapeutisch voor me gewerkt. Ook toen ik kind was: ik kon veel beter ‘lief’ zijn, als ik schreef over mislukte slechte dingen die mensen deden. Ik was lekker stout op papier, niet in het dagelijks leven. En als ik verdrietig was, schreef ik een verhaaltje over een verdrietig kind met wie het goed kwam. Daar knapte ik dan zelf ook van op.”

Je geloofde daarnaast al jong.

,,Ik denk omdat ik God als kind al nodig had. Ik praatte de hele dag door met Hem. ‘Ik wil zo graag lief gevonden worden, hoe moet ik dat doen?’ Of: ‘Ik wil zo graag het rechte pad lopen, welke keuze moet ik maken?’ Bij ons thuis lag veel nadruk op het zondige van de mens. Maar dan zag ik buiten een lieveheersbeestje tegen een grasstengel opklimmen, en dacht ik: God is véél mooier en leuker en liever dan wij allemaal weten! Ook dat was een houvast voor me in het leven. Ik heb het nooit zonder God gedurfd en ook geen weerzin tegen het geloof gekregen. Ik kan gewoon niet zonder God en zonder bidden. Ook bidden is woorden zoeken bij wat je voelt. Misschien ben ik wel schrijver geworden doordat ik altijd loop te bidden! Als kind al moest ik Hem alles vertellen en vragen. Als ik ergens over twijfelde, gooide ik het altijd omhoog.”

Lees ook: 4 Bijbelse lessen uit de natuur

Wie is Jezus voor je?

,,In mijn jeugd werd er natuurlijk wel verteld over Jezus, maar het was niet vanzelfsprekend dat je bij Hem hoorde. Hij stond ook niet op de zondagsschoolplaatjes, vanwege het gebod om God niet af te beelden. Je hoorde pas bij Jezus als je ‘uitverkoren’ was – en daar ging God over. Aangezien God alles van je wist, was het allerminst zeker dat Hij je fouten zou vergeven. Hoe kon je nou bij Jezus komen als je niet uitverkoren was? Het was voor mij een prachtige ontdekking te durven geloven dat Jezus tussen God en de mensen is komen staan als bemiddelaar. Wat een opluchting te weten dat God niet meer boos op mij was en dat ik niet meer bang hoefde te zijn. Jezus is voor mij een Licht dat door de wereld gaat en ik wil in dat Licht lopen. Ik houd heel erg van licht: in het licht wordt alles mooier, je kunt beter zien, je wordt er wakker van. En Jezus is voor mij hét Licht. Hij gaat met me mee, in Zijn Geest wil ik leven.”

Je hecht veel waarde aan intuïtie.

,,Intuïtie en geloof hebben volgens mij veel met elkaar te maken. Door mijn intuïtie merk ik dingen eerder op, bijvoorbeeld verdrietige ogen tegenover me in de bus. Of hier in de buurt mensen van wie ik dacht: eten jullie wel goed? Daar breng ik sinds kort twee maaltijden in de week, want ze konden inderdaad eigenlijk niet zo goed meer koken. Dat doe ik niet om goed te zijn – nou ja, misschien óók wel hoor – maar ik heb er gewoon ontzettend veel plezier in. Zij zijn er heel blij mee en voor drie mensen koken is veel leuker dan voor één. Door intuïtie zie je een mens gauw als medemens, je ziet wat nodig is.”

Je bent 67, zou je niet het liefst met pensioen willen, vooropgesteld dat dat zou kunnen?

,,Heel soms denk ik van wel. Ik heb tien romans geschreven en zo’n roman is een wereld naast je gewone wereld. Daar word je innerlijk best heel moe en vol van. Je ligt er ook vaak ’s nachts over te denken. Mensen vinden ‘schrijver’ een leuk beroep, maar het is wel heel erg hard werken. Als het boek er is ben je dolblij, want is een soort kind, maar de bevalling is heftig. Meestal doe ik dan een poosje niks en daar geniet ik heel erg van. Maar uiteindelijk komen er altijd dagen waarin ik denk: Wat ben ik eigenlijk aan het doen? Ik loop gewoon te lummelen zeg. Joke, dóe weer eens iets!”

Joke Verweerd vertelt meer over haar leven in Elisabeth Magazine nr. 17-2021.

Tekst: © Elisabeth Magazine
Beeld: Joke Verweerd 

Elisabeth is een magazine dat ingaat op actuele geloofs- en levensvragen van mensen van vandaag. Het biedt op persoonlijke manier bemoediging en steun vanuit het christelijk geloof. Dat gebeurt in een gevarieerde mix met verhalen van mensen over hoe zij het geloof vertalen naar hun dagelijks leven, met informatieve achtergrondartikelen en reportages over relevante thema’s, een pastorale vragenrubriek, herkenbare columns en gedichten. Er is ook volop plaats voor schitterende natuurfotografie, kunst, humor, psychologie en duurzaam leven. Het magazine richt zich op iedereen vanaf 50 jaar. Bent u nog geen abonnee? Bekijk dan onze abonnementen en word lid!