Home Thema'sGeloven Jan en Jannie Roelofsen hadden een grote droom

Jan en Jannie Roelofsen hadden een grote droom

door skempenaar

Jan Roelofsen (50) en zijn vrouw Jannie (53) hadden een droom. Ze wilden een ontmoetingsplek maken in een oud Leger des Heilsgebouw. Een ‘thuis’ voor iedereen die daar behoefte aan heeft. Maar daar hadden ze wel meer dan vier ton voor nodig…

‘Ik ben Jannie en heb vierenhalve ton nodig’

‘Ik dacht: als ik maar genoeg bid, doet God wel wat ik wil’

Tekst: Mariëtte Woudenberg Beeld: Elisabeth Ismail

‘Onder Ons’ staat er op de gevel van het voormalige Leger des Heilsgebouw in Veenendaal. De naam van het ontmoetingscentrum is veelzeggend. Het pand heeft een kerkzaal, maar ook een zaaltje met comfortabele plofbanken en een vrolijke eethoek met halfopen keuken. Als je er binnenstapt, krijg je het gevoel alsof je in een huiskamer komt, en dat is nou precies de bedoeling. Jan en Jannie willen een ontmoetingsplek bieden waar iedereen zich gelijk op z’n gemak voelt.

Biefstuk

,,We bestaan al weer ruim vijf jaar”, vertelt Jannie trots. Ze legt bewust nadruk op het woordje ‘we’, want het is een project dat Jan en zij samen doen met 25 vrijwilligers. Als team organiseren ze of bieden ze ruimte aan allerlei activiteiten: ,,Van haakochtenden en schilderlessen voor mensen met een kleine beurs tot maaltijden voor ouderen, koffie-en-gebedsochtenden, toneelvoorstellingen, lezingen en concerten.”

Ook kerkt er wekelijks een plaatselijke gemeente en verhuren ze de zaaltjes voor bijvoorbeeld gitaarlessen, vergaderingen, trouwerijen en begrafenissen. Het streven is niet afhankelijk te zijn van fondsen, giften en subsidies. ,,Hoewel een bijdrage van het Oranjefonds wel erg welkom was”, lacht Jan. ,,Om onze ouderen bij het maaltijdproject eens een biefstuk te kunnen serveren in plaats van een saucijs.”

Ingeving

Het ontmoetingscentrum was een droom. Een droom die al in 1994 werd geboren. Jannie ziet Jan nog staan aan de overkant van de straat. Ze hadden trouwplannen en net een huis gekocht. ,,Ik stond op de stoep onze aankoop te bewonderen. Jan staarde naar het ernaast gelegen pand van het Leger des Heils. Later vertelde hij me dat hij ter plekke een ingeving had gekregen dat hij iets met dat pand zou krijgen.”

Lange tijd deden ze niets met die ervaring, totdat het Leger des Heils in 2010 aankondigde het monument te willen verkopen. Dat bracht het echtpaar op het idee een droom waar te maken. Wat ze met het gebouw van plan waren, stond ze toen al haarscherp voor ogen. Jan: ,,We wilden een rustpunt bieden in deze hectische maatschappij. Los van kerkmuren en niet alleen voor christenen. Het moest een plek worden waar iedereen zich gezien en gehoord voelt. Wie je ook bent, wat je ook gelooft, waar je ook vandaan komt.”

Zeepbel

Maar voordat ze iets konden doen om zo’n plek te realiseren, werd het pand al te koop gezet! De nieuwe eigenaren wilden het wel aan hen doorverkopen, op voorwaarde dat ze voor een bepaalde datum vierenhalve ton op tafel konden leggen. Dat kregen ze niet voor elkaar. ,,Vooral bij mij kwam dat hard aan”, benadrukt Jan. ,,Ik dacht: als ik maar genoeg bid en een groot geloof heb, doet God wel wat ik graag wil. Maar zo werkt het niet, ontdekte ik. Het is niet mijn wil, maar Uw wil geschiede.”

Hun droom leek als een zeepbel uit elkaar te spatten. In de daaropvolgende zomer, terwijl het pand nog steeds te koop stond, gingen ze naar een christelijke conferentie. Jannie stapte binnen bij een workshop ‘Durf te dromen, durf te vragen’. ,,Degene die het leidde, had van tevoren gezegd dat je alles mocht vragen, behalve geld. Ik had dat alleen net gemist, omdat ik later binnenkwam. Toen hij een oproep deed aan mensen om hun droom te vertellen en wat ze daarvoor nodig hadden, stak ik dus zonder dat te weten mijn hand op en zei: ‘Ik ben Jannie, en ik heb 4,5 ton nodig.’ Hoewel ik niet de regels volgde, mocht ik toch iets vertellen over ons plan.

De workshopleider vroeg daarop of er iemand was die onze droom kon helpen waarmaken. En tot mijn grote verbazing riep een man: ‘Ja, ik!’ De vader van deze man bleek een zakenman uit Veenendaal te zijn die een fonds had voor goede doelen. Hij wilde ons inderdaad helpen en heeft het gebouw uiteindelijk ook voor ons gekocht.”

Dweilen

Op 11 oktober 2013 kregen ze de sleutel. Terugkijkend op die dag weten ze nog dat ze het pand in gingen met grote verwachtingen. ,,Pas gaandeweg ontdekten we dat de praktijk zich toch wel ietsje anders ontvouwde dan we hadden gedacht”, vertelt Jan.

Om te beginnen is het vaak hard werken. Jan en Jannie beheren het centrum als vrijwilligers en hebben daarnaast allebei een baan. Hij is ambulant begeleider voor cliënten met niet-aangeboren hersenletsel, zij is jeugdverpleegkundige. ,,Soms sta ik zondagmorgen al heel vroeg de kerkzaal te dweilen. Dat zijn van die momenten dat ik het even niet leuk vind”, zegt Jannie. ,,Je moet bovendien kunnen incasseren. Teleurstellingen, tegenslagen. Zo raakten we ineens een grote huurder kwijt. En vorig jaar maart kreeg ik een ernstig auto-ongeluk en moest ik revalideren. Dan denk je wel: hoe nu verder?”

Kleine ontmoetingen

Wat ze vooral moesten leren, is dat het in hun ontmoetingscentrum draait om kwaliteit, in plaats van kwantiteit: de kleine ontmoetingen en niet de grote verhalen. Jannie herinnert zich bijvoorbeeld een creatieve ochtend, waarbij je in stilte moest schilderen. ,,Een vrouw had daar grote moeite mee en begon hartverscheurend te huilen. Het kwam vanuit haar tenen. Ze riep: ‘ik ben helemaal alleen! Ik ben helemaal alleen! Ik heb niemand meer!’

Daarop ging een andere vrouw naar haar toe en gaf haar een stevige omhelzing. Deze andere vrouw is heel eenvoudig en veel mensen zouden haar op straat zo voorbijlopen, maar die morgen was ze er gewoon voor de ander. Ze zei: ‘Ik heb ook niemand meer. Dan word je toch mijn zus?’ Na afloop van die les ging de eerst zo verdrietige vrouw huppelend de deur uit. Zulke ervaringen maken je nederig.”

Ook denkt ze graag terug aan een bijzondere avond met een Iraakse vluchtelinge. ,,Deze vrouw had voor een groep mensen in ons ontmoetingscentrum gekookt en vertelde na afloop iets over zichzelf. Ze deelde haar levensverhaal. Hoe wreed er een einde was gekomen aan haar onbezorgde leven in Irak. Hoeveel verdriet ze had om haar moeder die nog steeds in een vluchtelingenkamp zit en aan het dementeren is. Het was doodstil in de zaal toen die vrouw haar verhaal vertelde. Bij het afscheid kreeg ze zoveel warme reacties en omhelzingen. Er was ineens begrip, en dat deed haar enorm goed.”

Onderonsjes

De naam ‘Onder Ons’ zegt alles over de hoop die Jan en Jannie hebben voor de mensen die in het ontmoetingscentrum komen. Jan: ,,We zien graag dat mensen hier ‘onderonsjes’ hebben. Dat mensen verbinding maken met elkaar. ‘Alleen is maar een lelijk woord’, zei iemand ooit tegen ons. Ik denk dat dat klopt. Alleen kun je niets, samen doe je alles. Wij geloven dat mensen veel voor elkaar kunnen betekenen en elkaar kunnen versterken. Dat ze daarin genezing kunnen vinden. Sommige ouderen die hier twee keer per maand komen eten bij ons maaltijdproject zijn vaak zo verdrietig. Voelen zich enorm eenzaam. Als er dan iemand is die naar ze luistert, zie je ze gewoon weer mens worden.”

Bij elke ontmoeting is God er ook, zo geloven Jan en Jannie Roelofsen. ,,Hij is net zo goed onder ons”, benadrukt Jannie. ,,Jezus is de weg, de waarheid en het leven. Daaruit halen wij onze kracht en vreugde om dit werk te doen. Ik vertel mensen die bij ons komen dus graag over Hem. Tegelijkertijd zal ik nooit iets opdringen. Staat iemand er open voor, prima. Zo niet, ook prima. Het moet niet afstoten. Bij het maaltijdproject zitten veel ouderen die niet geloven. Daar open ik de maaltijd bewust niet met een gebed. Ik lees een gedicht voor of een citaat. Om ze toch even aan het denken te zetten over bepaalde levensvragen. En dan hoop ik dat ze er iets mee zullen doen.”

  • Voor meer informatie over ‘Onder Ons’: onderonsveenendaal.nl

Reageren

* Door dit formulier te gebruiken, gaat u akkoord met de opslag en verwerking van uw gegevens door deze website.