Ik ben erbij

Bent u blij met de naam die u bij uw geboorte kreeg? Ik ken mensen die een hekel hebben aan hun naam. Ik denk aan mijn oma. Ze werd geboren in 1885 en haar ouders noemden haar Lijntje. Tot haar dood toe, ze werd 89 jaar, vond ze het een verschrikkelijke naam. Al snel besloot ze om voortaan alleen te luisteren naar de naam Lena. Ook beval ze haar zoon nooit een van zijn dochters Lijntje te noemen. Gelukkig voor ons!

Namen of nummers?

Lastig al die verschillende namen. Zullen we dan voortaan iedereen gewoon een nummer geven? Ik hoor het al: ,,Zeventienduizend driehonderdvierennegentig, kom je eten? Wat saai zou dat zijn. Een nummer heeft helemaal niets ‘eigens’. Een naam hoort bij je, ook al vind je hem niet helemaal oké. Soms komen bepaalde namen al heel erg lang in de familie voor. Misschien bent u wel vernoemd naar uw oma of opa en hebt u daardoor een heel speciale band met hen gehad. Een naam kan ook een heel mooie betekenis hebben. Zo zijn de namen Jan, Joke, Jente, Hanna en Jeanet allemaal afgeleid van de namen Johannes en Johanna, die betekenen; ‘God is genadig’. Weet u de betekenis van uw naam? Zo niet, dan is het leuk die eens op te zoeken (in een boek in de bibliotheek of op het internet). Wie weet tot welke verrassende ontdekking u komt!

Namen in de Bijbel

De Bijbel is ook een boek vol namen. In de Bijbel wordt heel vaak bijzondere waarde gehecht aan iemands naam. De naam van iemand geeft aan wat iemand is of wat men hoopt dat iemand zal zijn. De naam van aartsvader Jakob betekent bedrieger. Na zijn worsteling met God ontvangt hij de naam: Israël, want staat er in de Bijbel: ‘Je hebt met God en mensen gestreden en je hebt overwonnen.’ Ook kan de naam iets vertellen over de omstandigheden waaronder iemand geboren werd: Benjamin, de jongste zoon van Jakob en Rachel, kreeg van zijn moeder de naam Ben-Oni, ‘zoon van mijn smart’. Als Rachel direct na de geboorte sterft, verandert Jacob die naam in Benjamin: ‘zoon van mijn rechterhand’. Dat is zoiets als ‘zoon van voorspoed’. Zo zijn er heel veel voorbeelden te vinden van namen met een bijzondere betekenis.

God openbaart zijn naam

Dat de Bijbel een boek vol namen is, maakt ons duidelijk dat de God van de Bijbel ons niet ziet als een van de vele nummers, maar dat Hij ons bij onze naam wil kennen. Voor Hem zijn we allemaal uniek.

Tegen Jakob, Israël, zegt God als bemoediging en vertroosting: ‘Wees niet bang, want ik zal je vrijkopen. Ik heb je bij je naam geroepen, je bent van mij!’(Jesaja 43 vers 1). Wat een mooie belofte!

Dat de Bijbel zo’n waarde hecht aan iemands naam heeft er alles mee te maken dat ook God Zelf een naam draagt. God heeft zijn naam bekendgemaakt: Jahweh. In de Bijbel neemt een Israëliet de naam van God nooit op zijn lippen uit respect voor Gods heiligheid. Maar als God tegen Mozes spreekt bij de brandende doornstruik, lezen we dat Mozes vraagt naar de naam van degene die met hem spreekt. God antwoordt dan: ’Ik ben Jahweh.’ In onze Bijbel wordt dat vertaald als: ‘Ik ben die er zijn zal’ of ook: ‘IK ZAL ER ZIJN’. ,,Zeg maar tegen de Israëlieten ‘IK ZAL ER ZIJN’ heeft mij naar u toegestuurd. Zo wil ik voor altijd heten, met die naam wil ik worden aangeroepen door alle komende generaties.” (Exodus 3 vers 15)

Om over na te denken:

*Onze naam is uniek. Ook in Gods oog zijn alle mensen uniek en waardevol. Wat zegt dat ons over onze omgang met anderen? Zijn er mensen die wij meer als ‘nummers’ dan als ‘mensen van naam’ beschouwen en behandelen?

*Bij de doop wordt Gods naam in één adem genoemd met uw naam. U staat nu als het ware ‘in Zijn handpalm gegrift’ (Jesaja 49 vers 16). Hoe ervaart u dat?

*Orthodoxe joden willen de naam van God niet uitspreken uit angst het derde gebod (misbruik de naam van de Heer niet) te overtreden. Wat vindt u hiervan? Zijn er behalve vloeken nog andere manieren waarop wij Gods naam kunnen misbruiken?

God gaat altijd mee

‘IK ZAL ER ZIJN’, een wonderlijke, veelzeggende naam. God geeft Zichzelf een naam die zegt hoe Hij er voor ons wil zijn: IK ZAL ER ZIJN, Ik ben erbij, Ik wil met je meegaan op de reis door het leven. Vertrouw op Mij, Ik zal je nooit uit mijn hand laten vallen!
Het kan zijn dat het voelt of God op dit moment heel ver weg is. Misschien hunkert u ernaar dat er iemand is die u bij uw naam kent en noemt. Het kan zijn dat u zich herkent wat in wat een dame op leeftijd eens tegen me zei: ‘Al mijn broers en zussen en vriendinnen zijn inmiddels overleden en er is niemand meer die me bij mijn naam noemt. Dat doet me soms veel verdriet.’ Dat is moeilijk om mee te maken. Maar gelukkig kun je je soms ook intens verbonden voelen met jongere mensen. Vooral als je ontdekt dat je allebei in dezelfde God gelooft. De God die gezegd heeft: IK ZAL ER ZIJN. Wat een geweldige naam en belofte om het jaar 2011 mee in te gaan. God gaat met ons mee, wat er ook gebeuren zal!

Jezus: Gods zichtbare naam

In Jezus kwam God op aarde. Aan Jezus kun je ten diepste zien dat God als mens bij ons was. En ook hoe God bij ons mensen wil zijn.
Zijn Zoon. Jezus heeft veel namen. Een van die namen is: Immanuël (Matteüs 1 vers 23). Dat betekent; ‘God met ons’. Zo is God er voor ons: zoals Jezus is. En voor Jezus was iemand nooit een nummer. Jezus noemt de mensen bij hun naam. Jezus ziet ons zoals we diep van binnen zijn, met al onze zorgen en verdriet, vreugde en blijdschap, met al onze hebbelijkheden en onhebbelijkheden. De buitenkant en de rangorde zijn niet van belang. Hij kijkt naar onze gezindheid, naar ons hart. Jezus laat ons zo het hart van God zien: zo is God!
Bij deze God hoeven we nooit bang te zijn als een nummer behandeld te worden. God ziet ons als mensen, ieder met onze eigen, unieke naam.

Een nieuwe naam

Tot slot: in het laatste bijbelboek, Openbaring, staat in hoofdstuk 2 vers 17 nog een prachtige belofte. Er staat: ’Wie overwint (dat wil zeggen wie vasthoudt aan het geloof) zal ik van het verborgen manna geven en ook een wit steentje waarop een nieuwe naam staat die niemand kent, behalve degene die hem ontvangt.’ Een geheim tussen God en u. Het betekent dat u op de dag dat Christus terugkomt, een nieuwe naam zult krijgen en deel zult mogen uitmaken van de mensenmassa die niemand tellen kan, juichend voor de troon van de Allerhoogste. Wat een vooruitzicht!

De HEER zei [tegen Mozes]: ‘Ik heb gezien hoe ellendig mijn volk er in Egypte aan toe is, ik weet hoe ze lijden. Daarom ben ik afgedaald om hen uit de macht van de Egyptenaren te bevrijden, en om hen uit Egypte naar een mooi en uitgestrekt land te brengen, een land dat overvloeit van melk en honing, De jammerklacht van de Israëlieten is tot mij doorgedrongen en ik heb gezien hoe wreed de Egyptenaren hen onderdrukken. Daarom stuur ik jou nu naar de farao: jij moet mijn volk, de Israëlieten, uit Egypte wegleiden.’
Mozes zei: ‘Maar wie ben ik dat ik naar de farao zou gaan en de Israëlieten uit Egypte zou leiden?’ God antwoordde: ‘Ik zal bij je zijn. Maar Mozes zei: ‘Stel dat ik naar de Israëlieten ga en tegen hen zeg dat de God van hun voorouders mij gestuurd heeft, en ze vragen: ,,Wat is de naam van die God?” Wat moet ik dan zeggen?’ Toen antwoordde God hem: ‘Ik ben die er zijn zal. Zeg daarom tegen de Israëlieten: ,,IK ZAL ER ZIJN” heeft mij naar u toe gestuurd.”’