Home Thema'sGeloven Alleen in de stilte

Alleen in de stilte

door Caroline de Vente
Eenzaam in de stilte

Eenzaam en verlaten, dat is ze. Het staat er niet met zoveel woorden, maar het kost weinig verbeeldingskracht om dat te bedenken. Moederziel alleen, zwanger bovendien, zal Hagar in de woestijn de wanhoop nabij zijn… En dan overkomt haar iets waarvan ze niet heeft kunnen dromen. Ze wordt gevonden en aangesproken. Met naam en toenaam.

Woestijnervaring

Zowel in het Oude als in het Nieuwe Testament speelt de woestijn meer dan eens een rol. Het volk Israël bivakkeerde bijvoorbeeld veertig jaar in de woestijn. De woestijn is een onherbergzaam, eenzaam oord. Tegelijkertijd is de woestijn een plaats waar God zijn volk leert wat het betekent afhankelijk van hem te zijn. En het alleen van hem te verwachten.

Jezus brengt ook een periode door in de woestijn. Hij wordt er – door de ‘beduvelaar’ – zwaar op de proef gesteld. Na veertig dagen laat deze hem met rust en ‘meteen kwamen er engelen om voor hem te zorgen.’ (Matteüs 4:11)
Een woestijn staat ook symbool voor eenzaamheid en wanhoop. Een jonge vrouw vertelde me eens: ,,Na mijn scheiding ben ik in een emotionele woestijn terechtgekomen. Ik wil het niet, maar pijnig mezelf met de vraag: ‘Was ik niet de moeite waard om van te houden?’ Als ik terugkijk, kan ik niet meer ophouden met huilen, en vooruitkijken lukt me niet.’’

Confrontatie

Het staat er zo simpel: een engel van de HEER trof haar aan in de woestijn. Alsof hij haar had gezocht. Hij wist wie ze was, noemde haar bij de naam, kende haar antecedenten: ‘Hagar, slavin van Saraï, waar kom je vandaan en waar ga je heen?’
Waar ze vandaan komt? Die vraag is confronterend. Het dwingt haar haar situatie onder ogen te zien en er woorden aan te geven.

Zal ze haar beklag doen over Saraï en Abram, die haar hebben gebruikt voor hun eigen plannen? Hoe ze draagmoeder is geworden voor het kind dat Saraï, ondanks Gods belofte, niet gebaard heeft? Zal ze vertellen hoe Saraï haar vernederde? Tot ze het niet meer kon harden? Maar Hagar kruipt niet in de slachtofferrol. Zonder een spoor van zelfmedelijden erkent ze kort en bondig: ‘Ik ben gevlucht voor Saraï, mijn meesteres.’

Toekomst

En waar ze heen gaat? Die vraag is moeilijker te beantwoorden. Wie vastgelopen is, heeft meestal geen idee hoe het verder moet… De engel van de Heer weet het wél: ‘Ga naar je meesteres terug en wees haar weer gehoorzaam.’ Wacht even, wat gebeurt hier? Moet ze terug naar de ellendige situatie waar ze vandaan komt? Zorgt God niet voor een oplossing, een uitweg? Nee, God lost haar problemen niet op, haar omstandigheden blijven onveranderd. Ze moet terug. Alleen. Maar niet zonder een ‘toezegging’. ‘Noem de zoon die je zult krijgen Ismaël,’ zegt de engel. ‘Want de HEER heeft gehoord hoe zwaar je het te verduren had.’ Ismaël betekent: God hoort. Elke keer als ze de naam van haar zoon noemt, zal ze eraan herinnerd worden: de HERE hoort.

Gezien

Dan komt het keerpunt. Hagar reageert. Ze roept de Heer aan, zegt de Bijbel. Met andere woorden: ze laat hem niet praten, maar laat zich door hem aanspreken. En geeft antwoord. Er ontstaat relatie. ‘U bent een God van het zien,’ zegt ze. ‘Want heb ik hier niet hem gezien die naar mij heeft omgezien?’ Wat een ontdekking! God heeft naar haar, een slavin, Egyptische en weggelopen bovendien, omgezien!

Ik maak me sterk dat Hagar deze woestijnervaring – achteraf – voor geen goud had willen missen. Want dit troosteloze en eenzame oord heeft haar iets opgeleverd wat pure winst is: de ervaring en het diepe besef dat ze gezien én gehoord wordt door God. Het duurt nog eeuwen voordat de psalmen geschreven en berijmd worden, maar Hagar had het zó kunnen zingen: ‘Hij zal mij blijven horen en levenslang ben ik niet eenzaam meer.’ (Psalm 116:1 berijmd)

Winst

Eenzaam. Niemand wil het zijn. We zijn er niet voor gemaakt. Maar er zal geen mens zijn die het pijnlijke gevoel niet kent. Zelfs in vrolijk gezelschap kun je je eenzaam voelen. Eenzaamheid is nu eenmaal niet voorbehouden aan wie alleen is. ‘Ik voel me in ons tweepersoonsbed soms eenzamer dan vroeger in mijn eenpersoonsbed,’ hoorde ik iemand eens met een mager lachje zeggen. Er zijn weinig mensen die de eenzaamheid moedwillig opzoeken. Nou ja, sommigen. Enkelingen, zoals Jezus van wie we verschillende keren lezen dat hij de eenzaamheid opzoekt. Omdat hij het nodig heeft. Om alleen met zijn Vader te zijn.

Dat eenzaamheid goed kan zijn voor een mens, wil er bij ons maar moeilijk in. Eenzaamheid onder ogen zien, aanvaarden en er ‘dwars doorheen gaan’? Dat kost pijn en moeite. Afleiding zoeken gaat gemakkelijker. Vluchtwegen genoeg. Met één knop zet je de televisie aan. Je kunt elk weekend vullen met uitjes en verzetjes. Maar de eenzaamheid en leegte vullen kan het niet!

Mineke – een paar jaar geleden stond haar verhaal nog in de Elisabethbode te lezen – ging door diepe dalen nadat haar man was gestorven door zelfdoding. Haar omgeving riep: ‘Je moet eruit, sluit je aan bij een club!’ Maar Mineke koos ervoor haar eenzaamheid onder ogen te zien en er niet voor weg te lopen. Ze is gaan fietsen. Van Alkmaar tot ver in Frankrijk. En terug. Terugkijkend beaamt ze dat die moeilijke jaren haar óók iets hebben opgeleverd. Ze werd onafhankelijker. Tegen wil en dank. ,,En mijn band met God veranderde. Die werd vertrouwelijker. Ik fietste alleen, maar praatte voortdurend met God.’’

Uit de Bijbel

Een engel van de HEER trof haar in de woestijn aan bij een waterbron, de bron die aan de weg naar Sur ligt. ‘Hagar, slavin van Saraï, waar kom je vandaan en waar ga je heen?’ vroeg hij. ’Ik ben gevlucht voor Saraï, mijn meesteres,’ antwoordde ze. ‘Ga naar je meesteres terug,’ zei de engel van de Heer, ‘en wees haar weer gehoorzaam.’ (…) ‘Je zult een zoon ter wereld brengen. Die moet je Ismaël noemen, want de HEER heeft gehoord hoe zwaar je het te verduren had.’ (…) Toen riep zij de HEER, die tot haar had gesproken, zo aan: ‘U bent een God van het zien. Want,’ zei ze, ‘heb ik hier niet hem gezien die naar mij heeft omgezien?’ Genesis 16: 8-14, 11b en 13.

Om verder te lezen:

  • Genesis 21: 14-21
  • Johannes 4: 5- 31
  • Psalm 139: 1-13.

Om over na te denken:

* Hebt u een plekje waar u zich kunt terugtrekken? Gewoon, om even alleen te zijn met uzelf. Of met God…
* Zou de ‘toezegging’ die aan Hagar werd gedaan, ook voor ons gelden? Waarom denkt u dat?
* Hoe reageert u als u zich eenzaam en alleen voelt? Wat is het verschil tussen eenzaam en alleen? Wat vindt u van stopeenzaamheidzelf.nl, een initiatief van Agathos christelijke hulpverlening?

Tekst: © Elisabeth (Tjitske Lemstra)
Beeld: Taryn Eliott via Pexels

Lees ook: