fbpx
Home Interview Agaath Brugman (84) staat nog altijd actief in het leven

Agaath Brugman (84) staat nog altijd actief in het leven

'Mijn leergierigheid heb ik later nog een beetje ingehaald‘

door Danielle Feddes
Een oudere dame met grijs haar met krul erin, een blauwe bloese en een witte broek. In haar hand haar telefoon

Agaath Brugman (84) staat nog altijd actief in het leven. Ze leerde graag en las boeken dat de stukken eraf vlogen. Helaas mocht ze niet doorstuderen, maar dat compenseerde ze in haar latere leven op diverse manieren. ‘Mijn leergierigheid heb ik later nog een beetje ingehaald.’

Agaaths grote wens was om na de lagere school – net als haar vriendinnen – naar het Amsterdams meisjeslyceum te gaan. Dat werd door haar ouders niet gezien. ,,Tot mijn verdriet werd het de huishoudschool. Al gaf mijn vader er wel een bieb-abonnement bij, want dat ik van lezen hield, had hij wel gezien. Later ging ik werken in een manufacturenwinkel. Daar heb met de dochter van de baas een dameskledingafdeling opgezet, met modeshows erbij en alles. Dat was een hit: de bootjestoeristen uit Amsterdam kochten onze winkel leeg – soms moest ik halverwege de dag zelfs voorraad halen. Ik vond het werk in de winkel leuk: ik ontmoet graag mensen en praat graag met ze. Allerlei soorten kwam je daar tegen.”

Had u later nog gelegenheid om te studeren?

,,Mijn leergierigheid heb ik later nog een beetje ingehaald bij VU-hoogleraar Jochem Douma, bij wie ik drie jaar zijn colleges medische ethiek mocht volgen. Hij had al snel door dat ik dat wel kon begaffelen, haha – en ik miste geen college hoor! Later volgde ik nog meer colleges bij professor Bos Utrecht, over mythologie: razend interessant!” Ook door haar vrijwilligerswerk en als wijkwerker in Amstelveen leerde Agaath veel. ,,Burgemeester Van Zanen geloofde in wijkwerk en in het verbinden van mensen met elkaar. Ik bezocht als wijkwerker politiecongressen, woningstichtingen en wijkplatforms.

Op zondag had ik een grote pan soep en gingen we met z’n allen wandelen in het Amsterdamse bos

Ons huis in Amstelveen was gezellig, we hielden van aanloop en mijn man Niek nodigde ’s zondags allerlei mensen uit voor de koffie, studenten en verpleegsters van het ziekenhuis hier, een hele sleep. Dan had ik een grote pan soep en daarna gingen we met z’n allen wandelen in het Amsterdamse bos. Soms kookte ik ook doordeweeks voor ze: iedereen die zich voor vijf uur aanmeldde, kon komen. We waren jong, dat deed je er gewoon bij.”

Hoe was de band met uw vader?

,,Mijn vader was eigenlijk m’n grote vriend, ik kon goed met hem opschieten. Hij begreep mij en kwam voor me op, vroeger al, als bijvoorbeeld de lagere school weer eens klachten had. Als ik thuis niet te houden was, trok hij z’n jas aan en ging met mij wandelen. Soms volgde er een kleine reprimande, maar al snel ging hij gewoon vertellen. Dat hij mij als oudste kind in vertrouwen nam, deed mij altijd goed. Zelfs over wat hij gedaan had in het verzet tijdens de oorlog bijvoorbeeld, best bijzonder.”

De oorlog maakte u bewust mee?

,,Dat klopt. In ons huis verborgen we een jonge man uit Rotterdam die ik ‘Oom Toon’ noemde, want ik was te klein om te begrijpen wat een onderduiker was. Hij werkte soms achter in onze tuin. Toen ik aan vader vroeg wat hij maakte, zei hij dat ik daar met niemand over mocht praten, dus dat heb ik niet gedaan. Later, toen ik ouder was en de oorlog voorbij, vertelde vader dat Toon daar een schuilplaats had gemaakt voor als er een razzia was. Dat soort dingen durfde mijn vader. Ook heeft hij een keer met een tandem een Engelse piloot naar een boer gebracht, die hem verborg op zijn land. Van Toon heb ik nooit meer teruggehoord. Zo ging dat toen: in de oorlog deed je alles geheim en dat bleef zo.”

Hoe was de band met uw moeder?

,,Mijn moeder was wat meer op de regels. ‘Jij bent altijd zo snel’, vond ze. M’n mond niet kunnen houden en m’n mening snel klaar hebben. Opoe vond dat geweldig, maar met m’n moeder had ik heel lang niet zo’n goede verhouding. Althans, dat dacht ik. Want toen ze oud werd en niet meer alleen kon wonen, koos ze er tot mijn verbazing voor om juist bij mijn man en mij in de buurt te komen wonen. Daar was ze heel stellig in. Dat heeft nog achttien jaar geduurd, tot haar eenennegentigste. Ook later, toen ze leed aan dementie, werd ze altijd rustig als ik bij haar langskwam. Ze was bovendien erg gesteld op m’n man, die een rustig karakter had. Hij loste dingen makkelijk op.”

Agatha Brugman-Kooij uit Kootwijkerbroek werd in 1939 geboren in Mijdrecht als oudste in een gezin van zes kinderen. Ze trouwde in 1961 met Niek Brugman, met wie ze twee zoons en een 
dochter kreeg. Ze woonden 47 jaar in Amstelveen, waar Agaath onder meer scriba van de lokale Stadshartkerk werd, bestuurslid van de ChristenUnie en uiteindelijk wijkwerker. Niek 
overleed vijf jaar geleden.

Tekst en beeld: Niek Stam

Lees meer over Agaaths actieve leven in de rubriek In de Spiegel in Elisabeth Magazine 3 (2024). Heb je nog geen abonnement? Kijk dan even hier.

 

Copyright © Royal Jongbloed All Rights Reserved